Bekijk menu
Leerlingondersteuning

Leerlingportret Amina

Leerlingportret Amina

Amina

10 jaar
Komt uit Eritrea
Sinds 24 maanden in Nederland
Groep 6 in het regulier basisonderwijs. Een verwijzing naar het s(b)o is besproken.

Wie is Amina?

Amina is een energieke en sociale leerling die houdt van tekenen, muziek en bewegingsactiviteiten. Ze zoekt vaak contact met andere kinderen en wil graag meedoen.

 

In de klas valt zij op door haar impulsieve gedrag. Ze praat regelmatig door de instructie heen, staat op, raakt spullen kwijt en begint soms aan een opdracht voordat de instructie is afgerond. Wanneer de leerkracht haar individueel aanspreekt en de opdracht visueel maakt, blijkt regelmatig dat Amina de opdracht wel kan uitvoeren.

 

Bij zelfstandig plannen, starten en organiseren heeft zij meer ondersteuning nodig dan op basis van haar kalenderleeftijd verwacht zou worden. De ontwikkelingsleeftijd verschilt dus per domein en kan niet als één algemeen getal worden gezien

 

De school heeft een SBO-plaatsing overwogen vanwege haar gedrag, werkhouding en moeite met zelfstandig werken. Bij nadere observatie blijkt echter dat haar functioneren sterk verschilt per situatie.

 

Op onderdelen van de Nederlandse schooltaal functioneert zij op een niveau dat past bij een jongere Nederlandstalige leerling, ongeveer 7 jaar. Op visueel en praktisch gebied laat zij vaardigheden zien die beter aansluiten bij haar kalenderleeftijd. Ze heeft dus een ongelijk ontwikkelingsprofiel.

 

Amina’s moeder is actief betrokken bij school. De communicatie met school verloopt waar nodig met ondersteuning van een professionele tolk.

 

Kern van de casus: Bij Amina kan gedrag gemakkelijk worden geïnterpreteerd als een reden voor een s(b)o-verwijzing. Wanneer echter wordt gekeken naar de context waarin het gedrag ontstaat, blijkt dat taal, prikkelbelasting, instructie en executieve vaardigheden elkaar beïnvloeden. Door de basisondersteuning gericht te versterken en multidisciplinair samen te werken, kan Amina meer van haar mogelijkheden laten zien. Een andere onderwijssetting komt pas in beeld wanneer blijkt dat haar ondersteuningsbehoeften structureel de mogelijkheden van het reguliere onderwijs overstijgen.

 

Relevante informatie

Achtergrond en thuissituatie

Amina is sinds 24 maanden in Nederland en komt uit Eritrea. Thuis spreekt ze met haar moeder en twee broers voornamelijk Tigrinya. Uit gesprekken met haar moeder blijkt dat Amina thuis lang zelfstandig kan tekenen en bouwen. Ook daar heeft ze meer sturing nodig wanneer meerdere dingen tegelijk gebeuren. De thuissituatie geeft daarmee aanvullende informatie: het gedrag is niet uitsluitend verbonden aan de Nederlandse schooltaal, maar de mate waarin Amina wordt overvraagd speelt wel een duidelijke rol.

Onderwijsverleden:

Amina heeft in Eritrea onderwijs gevolgd, maar haar schoolloopbaan is wisselend verlopen. Haar onderwijservaring is daardoor niet zonder meer vergelijkbaar met die van leeftijdsgenoten die vanaf jonge leeftijd onafgebroken onderwijs in Nederland hebben gevolgd. In Nederland heeft zij eerst onderwijs op een nieuwkomersvoorziening gevolgd en daarna de overstap gemaakt naar het reguliere basisonderwijs. Ze heeft in relatief korte tijd veel Nederlands geleerd, maar haar Nederlandse schooltaal is nog volop in ontwikkeling.

Diagnostiek:

Observaties laten een duidelijk verschil zien tussen situaties. De orthopedagoog adviseert daarom om gedrag niet los te zien van de context waarin het ontstaat.

Huidige onderwijscontext:

Amina zit in groep 6 van het reguliere basisonderwijs. De leerkracht ervaart dat het veel inspanning kost om haar bij de les te houden en haar zelfstandig te laten werken.

 

Een verwijzing naar het s(b)o is besproken.

 

In het ondersteuningsteam is afgesproken om eerst doelgericht te onderzoeken wat Amina nodig heeft op het gebied van taal, prikkelregulatie, taakaanpak, planning en instructie. Daarbij wordt niet alleen gekeken naar wat Amina moeilijk vindt, maar vooral naar de omstandigheden waarin zij wél tot leren komt.

 

Een TLV kan aan de orde zijn wanneer blijkt dat haar specifieke ondersteuningsbehoeften ondanks aantoonbaar passende en geëvalueerde ondersteuning structureel niet binnen de reguliere setting kunnen worden geboden.

Onderwijsbehoeften

Beschermende factoren

  • Sociaal, nieuwsgierig en gemotiveerd om mee te doen.
  • Sterke visuele vaardigheden.
  • Creatief en praktisch ingesteld.
  • Leert goed door voordoen en nadoen.
  • Wil graag zelfstandig functioneren.
  • Reageert goed op positieve feedback en succeservaringen.
  • Ouders zijn betrokken.

Belemmerende factoren

  • Beperkte Nederlandse schooltaal, vooral bij abstracte instructies.
  • Moeite met lange mondelinge instructies.
  • Snel afgeleid door prikkels in de omgeving.
  • Moeite met plannen, starten en organiseren.
  • Impulsief reageren en moeite met wachten.
  • Raakt gefrustreerd wanneer zij niet begrijpt wat er wordt verwacht.

Taalontwikkeling

  • Gebruik van abstracte schooltaal en langere mondelinge instructies beperken.
  • Ondersteuning bij het verbinden van woorden aan vakinhoud, instructies en abstracte begrippen.
  • Werken met korte zinnen, visualisaties, voordoen en herhalingen.
  • Actief oefenen van de schooltaal.
  • Bieden van extra verwerkingstijd.
  • Waar mogelijk de thuistaal inzetten als ondersteuning.

Sociaal emotioneel

  • Voorspelbaarheid en duidelijke grenzen.
  • Zorgen voor een vaste manier van hulp.
  • Ondersteunen bij het herkennen van oplopende spanningen en frustraties.
  • Positieve feedback op taakgericht gedrag.
  • Zorgen voor een rustige plek wanneer prikkels te veel worden.

Wat kan de onderwijsprofessional doen?

Communicatie & taal

  • Geef één instructiestap tegelijk.
  • Gebruik korte zinnen.
  • Visualiseer kernwoorden en handelingen.
  • Laat Amina de opdracht kort herhalen of voordoen.
  • Bied schooltaal expliciet aan binnen de vakinhoud.
  • Herhaal nieuwe woorden in verschillende situaties.
  • Geef voldoende verwerkingstijd.
  • Maak onderscheid tussen het niet begrijpen van de taal en het niet kunnen uitvoeren van de taak.

Structuur & voorspelbaarheid

  • Maak het dagprogramma visueel.
  • Kondig overgangen tussen activiteiten aan.
  • Gebruik een vast stappenplan voor zelfstandig werken.
  • Leg materialen op een vaste plaats.
  • Maak zichtbaar hoeveel werk wordt verwacht.
  • Maak het begin- en eindpunt van een taak duidelijk.
  • Bied beperkte en overzichtelijke keuzes.
  • Gebruik een vaste routine voor hulp vragen.

Ondersteuning in de klas

  • Geef Amina een rustige, overzichtelijke werkplek.
  • Beperk onnodige prikkels tijdens instructie.
  • Bouw korte beweegmomenten in.
  • Bied een afgesproken rustige plek wanneer spanning oploopt.
  • Leer expliciet vaardigheden als starten, stoppen, plannen, opruimen en controleren.
  •  Observeer systematisch wanneer gedrag ontstaat.
  • Kijk bij opvallend gedrag eerst naar de begrijpelijkheid en haalbaarheid van de opdracht.
  • Beloon niet alleen stilzitten, maar vooral het toepassen van helpende strategieën.

Oudercontact

  • Gebruik eenvoudige communicatie en waar nodig een professionele tolk.
  • Vraag ouders hoe Amina in Tigrinya communiceert en welke vaardigheden zij thuis laat zien.
  • Bespreek zowel de sterke kanten als de zorgen.
  • Leg uit welke ondersteuning school inzet en waarom.
  • Vraag ouders welke aanpak thuis helpt bij plannen, overgangsmomenten en prikkels.
  • Evalueer samen de ontwikkeling.

Samenwerking intern

Leerkracht: zorgt voor passende instructie, structuur en een prikkelarme organisatie van de klas.

 

Leraarondersteuner: oefent met Amina taakaanpak, plannen, starten en afronden.

 

Intern begeleider: coördineert de ondersteuning en bewaakt de gezamenlijke doelen.

 

Ondersteuningsteam: analyseert gedrag steeds in relatie tot taal, taak, omgeving en ontwikkeling.

 

Werk vanuit één gezamenlijk doel: Amina ondersteunen om zo zelfstandig mogelijk deel te nemen aan het reguliere onderwijs.

Samenwerking extern

Logopedist: ondersteunt bij Nederlandse taalontwikkeling en schooltaal en denkt mee over het onderscheid tussen tweedetaalverwerving en een bredere taalproblematiek.

 

Orthopedagoog: kijkt mee naar ontwikkeling, gedrag en onderwijsbehoeften in verschillende contexten.

 

Waar nodig wordt aanvullende specialistische expertise betrokken. Externe expertise wordt verbonden aan de dagelijkse onderwijspraktijk, zodat adviezen daadwerkelijk in de klas toepasbaar zijn.

 

Deel deze pagina